To the country side

Reisupdate 3

Zo, wat een dag! Hij begon al vroeg, omdat de hele groep om 6 uur begon aan de yogales in het women’s centre. Dit bleek echter een actieve vorm van yoga te zijn (en niet die waarbij je 20 minuten in foetus-houding mag liggen die Renée kent), waardoor iedereen al gauw stond te zweten. Kirsten en Madelon dachten achteraan een mooi plekje te hebben gevonden, maar werden nauwlettend in de gaten gehouden door lokale vrouwen die hen fijntjes wezen op alles wat ze fout deden, en hen meermaals hebben uitgelachen! Inge, Tiba en Noa (a.k.a. Nina) deden het aanzienlijk beter: zij konden tot een volledige brug in de lucht komen, en Joyce was zo vriendelijk om aan iedereens armen te trekken als iemand ergens nét niet bij kon. Een gezellige boel dus!

Toen weer terug naar het gastgezin voor ontbijt, douchen en de backpack inpakken, want we gingen om 9 uur alweer naar een school in de Pepsi wijk waar wij verblijven. We kregen van de directeur uitleg over het kastensysteem en het verband met het hindoeïsme, want dat blijkt er dus onlosmakelijk mee verbonden te zijn. Het idee dat iedereen dus in een bepaalde kaste geboren wordt, en hier niet in dit leven uit kan komen, zal dus blijven bestaan volgens hem, ondanks dat de regering het systeem officieel heeft afgeschaft. Dat maakte wel indruk! Renée had toevallig op school net over het kastensysteem geleerd, dus die kon ons ook nog informatie hierover geven. Vervolgens hebben we de dagopening op het schoolplein meegemaakt, waarbij alle leerlingen in rijen stonden en 5 minuten lang ademhalingsoefeningen deden om zich goed te kunnen concentreren, gevolgd door het gezamenlijk zingen van het volkslied, en voordrachten van twee medeleerlingen. Voordat ze naar hun lokalen gingen, gaven ze allemaal ook nog eens de directeur een handje. Dat is wel even anders dan hoe het in Nederland eraan toe gaat!

Sowieso valt het op dat veel Nepalezen meer met hun mentale gezondheid en bewustzijn van hun lichaam bezig zijn. Dit werd ook bevestigd door de arts van de polikliniek die we daarna bezocht hebben: hij gaf aan (en het was ons ook opgevallen) dat er nauwelijks Nepalezen met overgewicht zijn. Hier kunnen onze Nederlandse jongeren (zoals onze reizigers, die altijd maar op zoek lijken te zijn naar de McDonalds) nog wel wat van leren! ;)
Andere opvallendheden die we hebben geleerd in de kliniek zijn bijvoorbeeld dat er weinig aan anticonceptie wordt gedaan, hoewel het onderwerp zelf geen taboe is, en de gezinnen ook maar gemiddeld zo’n 2 kinderen hebben. We schrokken er bovendien enorm van dat rijkere mensen die zelf hun zorg kunnen betalen, naar zo’n privé-polikliniek gaan, waar de stof letterlijk op het röntgenapparaat zit, en wij de ruimtes bepaald niet steriel vonden. Even slikken dus.

Vervolgens de bus weer in, om naar Pharsiguan te gaan: het pompoendorp dat niet bekend is bij Google! Na een zeer hobbelig ritje kwamen we aan in het dorp, waar we de heuvel zijn opgelopen naar het gastgezin voor 6 personen. Hier hebben we lekker wat kouds gedronken en geluncht, alvorens we een lokaal schooltje gingen bezoeken. Deze was duidelijk anders dan die van vanochtend: veel kleiner, minder materialen, en zowel de docenten als de leerlingen spraken nauwelijks Engels. Dit mocht de pret echter niet drukken, want al gauw waren onze jongeren lekker aan het sporten, spelen en knutselen met alle kinderen. Suus haalde elke keer weer alle ballen uit de berm, en dat terwijl ze vliegende frisbees moest zien te vermijden! Opvallend detail: toen de docent onze meegebrachte boomerang het dak op had gegooid, heeft hij een leerling gestuurd om het er weer vanaf te halen! Laat het de kinderbescherming maar niet horen!

Ten slotte hebben we nog meegeholpen in één van de vele baksteenfabrieken die dit gebied rijk is. In tegenstelling tot wat de naam doet vermoeden, is dit gewoon een lapje grond in de buitenlucht, waar dit koppel per dag 1500 bakstenen met de hand maakt, en die verkopen voor 1 roepie per stuk. Voor de duidelijkheid: dit is 0,008 eurocent! We besloten dus om ze een handje te helpen door alle al gemaakte bakstenen te stapelen in een muur, zodat ze verder konden drogen voordat ze gebakken moesten worden. In totaal hebben we 2200 bakstenen met z’n allen versleept, binnen een half uurtje! Behalve dat het dit koppel flink heeft geholpen, leverde het behoorlijk wat bekijks op: veel buren kwamen kijken naar hoe die Westerlingen aan het zwoegen waren. Dit leverde ons Nina’s fantastische quote op: ‘hieruit blijkt maar weer dat blanke Nederlanders niet goed zijn in arbeiden!’ Een aantal van ons hebben echter wel het tegendeel bewezen: Ghislaine zag bijvoorbeeld grijs van het baksteenstof, Floor heeft bijna al het plaats- en stapelwerk gedaan in één van onze assembly lines en Tiba gaf pas op toen haar armen het niet meer aan konden. We hebben allemaal ook nog een paar bakstenen zelf gemaakt met een mal, en vooral die van Quinten zag er goed uit, dus we konden trots zijn op onszelf! Met z’n allen hebben we even stilgestaan bij het feit dat als deze mensen dit werk minstens 6, maar waarschijnlijk 7 dagen per week doen, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat, ze nauwelijks vrije tijd hebben, en hun leven dus drastisch verschilt van het onze.

Zeer moe, maar vol van alle indrukken van deze dag, zijn we teruggegaan naar het verzamelhuis, vanaf waar 4 groepjes in duo’s naar hun eigen gastgezin zijn gegaan. Dit zijn echt wel meer basic voorzieningen dan we tot nu toe gewend waren: een kleien huisje met golfplaten dak, gemaakt van klei, met een klein keukentje buiten (oftewel: een soort vuurkorf met een pot erop), maar de maaltijden zagen er weer verrukkelijk uit toen de moeder ganzen nog even kwamen kijken! Dat belooft een mooie avond te worden op het platteland van Nepal!